Al meer dan 351.000 bezoekers!

Zijsprokkels

Nieuwste artikels

Zijsprokkel 23: Vergeten Tiense figuren

11. Anna Papadopoli

De (nu verdwenen) Kattenstraat eindigde aan een straatje dat de Oude Leuvensestraat met de Kabbeekstraat verbond. In de 14de eeuw werd dit straatje bi ordonantie vander stadt verbreed. Vanaf dan spreken de documenten van de Nieuwe straat. Zo lees ik in de rekeningen van O.L.Vrouw ten Poel in 1404 de nuwe strate en in 1424 in het Latijn In nouo vico. Volgens een oorkonde van 5 juni 1480, geciteerd door De Ridder, was het een "zijstraat" tussen de Kabbeek- en de Leuvensestraat. De Ridder vergist zich echter, als hij deze zijstraat vereenzelvigt met de Kinderen-Wittenstraat.
De Nieuwe straat begon aan de Kabbeekstraat. Het eerste deel bestaat nog altijd. Het is de Kloostergang met vooraan de toegangspoort van Anna Papadopoli. Deze poort werd gebouwd in 1660 en draagt volgende tekst: HET CLOOSTER VAN .S. AGNEETEN BERGH GENAEMT CABBEECK DER OORDEN VANDEN GROOTEN .H. VADER AVGVSTINVS CANONIKERSEN REGVLIREN 1660.

Ideken Cornelis, Jans dochter, verkocht het huis Sint-Anna in de Kabbeekstraat (de huidige Gilainstraat) op 22 januari 1600 voor 195 rinsguldens aan Demetrio Papadopoli en zijn huisvrouw Huberta Odaerts. Papadopoli stierf jong en liet twee wezen na: Joris en Anna. Deze laatste werd in het Kabbeekklooster opgevoed. Ze was er vanaf 1650 priorin.
De twee kinderen werden onder voogdij geplaatst. De voogden waren: 1? Theodoro Esciro, luitenant van een compagnie lansiers van aartshertog Albrecht, en 2? Diego de Figorva, luitenant van dezelfde compagnie. Omwille van de groote ende merckelycke reparatien die aen den huysinghe gedaan moesten worden, vonden de voogden het geraadzaam om het huis publiek te verkopen. Na uytbellinghe ende affigeringe van billetten werd de Sint-Anna op 24 november 1606 verkocht. Toch kwam er pas definitief een einde aan de extreme armoede, toen Anna Papadopoli in 1650 priorin werd. Anna woonde sedert 1606 als jonge wees in het klooster. Onder haar leiding kwam het Kabbeekklooster weer tot nieuwe bloei. Anna was van goeden huize en had goede relaties. Ze verzamelde talrijke giften en begon weer te bouwen. In 1651 begon Gertrudis Hendrickx van Strevensdorf aan een register. Hierin staan de namen vermeld van enkele weldoeners. Catharina de Hase, seer goede kennisse met onse priorinne, schonk 500 gulden, waarmee de hele refter aan de zuidzijde werd vernieuwd. Jacobus Boonen schonk 50 gulden om de eerste nagel in zijn naam te slaan. Pastoor M. Tierens, rector van de H. Hartkliniek, redde na de verbouwing van de refter (1981-83) een verweerde steen waarin ik volgende tekst kon ontcijferen: DE[SE]N BAVWE [IS GE]MAECKT BI ONSE [EERW(eerdighe)] VRAVWE [PRI]O[RI]NNE S(uste)R ANNA PAP[ADOP]O[L]I 1651. Met giften maakte Anna Papadopoli in 1652 ook een schoon loote pompe in de keuken, en in hetzelfde jaar bouwde ze een kleine kapel in de boomgaard voor meer dan 200 gulden. Op 15 december 1654 ging een deel van de gebouwen in de vlammen op. De priorin Anna Papadopoli zette echter door en bouwde nieuwe vleugels op de in as gelegde muren. Bij de verbouwing van de Kliniek in 1981-83 konden M. Lodewijckx en F. Doperé de oude toestand archeologisch onderzoeken en beschrijven.
Met de nog prachtig bewaarde oostvleugel werd begonnen in 1657, zoals in de middelste dakkapel staat aangegeven. Met fierheid schreef Gertrudis Hendrickx in haar register op, dat sedert de fundatie nooit soo grooten noch frayen stuck werck niet gemaeckt was. Dit gebeurde bovendien zonder dat het klooster één gulden schulden had gemaakt. Deze vleugel staat haaks op de kapel en bestaat uit dertien traveeën in twee bouwlagen. De kruisvensters zijn nog altijd intact. Deze oostvleugel behoort tot de gaafst bewaarde bouwwerken van het Tiense patrimonium.
Enkele jaren later begon de al bejaarde Papadopoli met de bouw van een bakstenen kapel van zes traveeën, afgesloten door een vijfzijdige absis. Het werk was ver gevorderd in 1663. In de ingemetselde gedenksteen in de absis lezen we nog de tekst: 1663 DESE KERCKE IS GEMAECHT BI ONSE EERW(eerdighe) VRAVWE PRIORINNE S(uste)R ANNA PAPADOPOLI.
Onder de datum staat een ruitvormig schild geflankeerd door twee gebogen tulpen. In de ruit staan een kroon met de maan, sterren, een engelenvleugel (?) en een dolk. Verder vinden we de datum 1665 in de sluitsteen van de barokpoort, onder de beeltenis van de H. Franciscus.
Het uitvoeren van al deze werken bracht echter veel kopzorgen mee. Zuster Gertrudis bevestigt dit in haar register. Ze heeft alles opgeschreven, zegt ze, opdat de nakomelingen beter zouden weten wat bouwen kost en welke ruzies een priorin bijna dagelijks overkomen. Zo had Papadopoli nogal wat last met de Tiense overheid met de betaling van de belastingen. De priorin overleed in 1672 en pas op 15 augustus 1684, tijdens de tweede "ambtstermijn" van priorin Cecilia d'Origon werd de eerste mis in de nieuwe kerk gedaan.

Bibliografie: Dr. P. Kempeneers, Thuis in Thienen, 1999.

© 2008 Edelhart Kempeneers
XHTML 1.0 Transitional