Op de zuidelijke hoek van de Ark van Noëstraat stond het groot huis van de Renesse, met hierachter een grote boomgaard.
De nieuwe bezitter van het "Huis van de Renesse" was in Tienen geboren op 23 mei 1746. Hij was een hevig tegenstander van de hervormingen, opgelegd door Jozef II. Gedurende de Brabantse Omwenteling koos hij openlijk voor de Patriotten tegen de Vijgen of keizersgezinden. Tijdens de nacht van 26 op 27 november 1789 stond Tienen in rep en roer. Aan veel huizen werd grote schade aangericht. De keizersgezinden verdachten de Renesse ervan de lont mee in het Tiense kruitvat te hebben gestoken. Twee jaar later, in 1791, werd in Sint-Truiden een lijst gedrukt en verspreid. In dit Franstalig pamflet werden de wandaden van de Patriotten dik in de verf gezet. De Renesse heet er wegens zijn uiterlijk een "pad" en een "monsterlijke aap".
De baron was in het huwelijk getreden met Maria Eugenia Theodora Ghislena de Croix. Na zijn dood ging het Huis van de Renesse naar zijn weduwe en vanaf 1807 naar zijn zuster, jonkvrouw Joanna Theresia Josepha Nepomucena de Renesse de Wulp. Deze stierf op 4 maart 1816.
Bibliografie: Dr. P. Kempeneers, Thuis in Thienen, 1999.