Op het einde van de 14de eeuw was de prachtige Molen van
Roeferding in Landen eigendom van Henrick vanden Broecke uit Sint-
Truiden. In de oudste documenten is zijn naam vertaald in het Latijn
als "Henricus de Palude". Sommige geschiedschrijvers wisten dit niet
en vermeldden dat de molenaar De Palude opgevolgd werd door
Vanden Broeck. Te gek natuurlijk, want het gaat om dezelfde persoon.
In geschriften van voor 1400 werd Broek vertaald door Palus. Vanden
Broeck werd aldus in een ablatief De Palude. Zo heette ook de nog
bestaande Broekstraat in Tienen "In vico paludis", wat letterlijk
betekent "in de straat van het broek".
In het oudste cijnsboek van Tienen
staan nog andere namen: in
vico montis (Bergstraat), in vico beghinarum (Begijnenstraat, nu
Bostsestraat), in vico louaniensi (Leuvensestraat), supra triscum (op
de Dries, nu Grote Markt), in vico fontis campi (Veldbornstraat), in
longa platea (Langestraat, nu Beauduinstraat). De Markt werd in het
Latijn Forum. Zo kennen we rond 1370 Forum caseorum, de vertaling
van de Kaasmarkt, dit is een deel van de huidige Veemarkt.
De vertaling van persoonsnamen maakte een identificatie heel wat
moeilijker. Zo zijn nogal wat notarissen bekend onder hun Latijnse
naam. Ik noem er enkele: Johannes de Thenismonte (Van Thienen),
Walterus Juvenis (De Jonghe), Johannes de Monte (Vanden Bergh).
De genitief verdoezelt soms een naam die in het Nederlands op een s
eindigt: Gerardi heette eigenlijk Geeraerts, en Everardi was niemand
anders dan Everaerts. De vader van de bekende Beatrijs van Nazaret
(of van Thienen) heette niet Bartholomeus Lanio, maar gewoon De
Vleeschouwer! Ook gewone stervelingen die geen woord Latijn
kenden, maar aan de hertog een cijns betaalden, werden in de
cijnsboeken vertaald. Soms is de vertaling ver gezocht. Ik citeer
enkele namen uit het Tiense: Albus (Dewit), Aegidius (Gilis), Dives
(De Rycke), De Mirica (Vander Heyden), De Mensa (Tafelman), De
Mente (Degeest), Mercator (Meersman), De Maloponte (Vander
Quaderbruggen), Magistri (Smeesters), De Stufa (Vander Stoven), De
Puteo (Vanden Putte), Regis (Conincx), enz.
Ook stads- en dorpsnamen werden vertaald. Dit gebruik bleef
eeuwenlang in zwang, vooral in parochieregisters. Wie een stamboom
opstelt, kan er van meespreken. Raad eens waar in het Hageland
Aspricollis ligt, of Mons Acutus! Juist, hiermee bedoelde de pastoor
Scherpenheuvel. Longuspagus lag niet in Zuid-Amerika, maar is
gewoon Langdorp bij Aarschot. Vallis Ducis is identiek met 's-
Hertogendaal in Hamme-Mille, en Mosacum is Maaseik.
Dr. P. Kempeneers.