Al meer dan 691.000 bezoekers!

Nieuwste artikels

Tiense Sprokkel 282: Fico en de Zwaan

In Boutersem stond in 1572 een huys ende hoff dat toebehoorde aan Merten Slapelaeckens en vˇˇr hem aan Quinten van Meensele. Het lag aan de (oude) Steenweg en heette de swaene (Kerkarchief nr. 2373). In 1755 rees een geschil over de vraag wie de eigenlijke eigenaar was (Schepengriffies, nr. 6657).



In 1755 woonde Jacobus Thijs in Antwerpen. Om zijn inkomsten te vergroten wou hij aantonen dat hij de rechtmatige eigenaar was van de Zwaan in Boutersem. Het huis had toebehoord aan Jan Fico, zijn grootvader aan moederszijde. Volgens de Antwerpenaar was het huis daarna ten onrechte in andere handen overgegaan. In het cijnsboek van baron van Boutersem, vernieuwd in 1678, lezen we dat Jan Fico een boomgaard had gekocht van de erfgenamen van Regina Verlaenen. Deze boomgaard was een deel van een grotere partij van omtrent 5 dagmalen, sijnde huijs ende hoff boomgaert ofte block landts geheeten de swaene. In het cijnsboek van de heer stonden ook de opvolgers: Niclaes Huens en na deze pastoor Nicolaus Doulier. Volgens Jacobus Thijs uit Antwerpen bezaten al de opvolgers van Jan Fico het goed ter quader trouwe. Daarom begon hij een proces tegen Lambert van Weddinghen uit Lubbeek, de eigenaar in 1755.

Thijs zocht steun bij inwoners die zijn moeder hadden gekend. Zo verklaarde Hendrick van de Beek dat Jacobus Thijs inderdaad de zoon was van Elisabeth Fico, de vrouw van Joannes Thijs. Ook zei Van de Beek dat Elisabeth Fico de dochter was van Jan Fico. Een uittreksel uit het doopboek van Boutersem moest klaarheid brengen. Op 15 maart 1698 werd Jacobus Thijs gedoopt, als zoon van Joannes Thijs en Elisabeth Fico. Voor het uittreksel zorgde J.H. Van den Dijck, de pastoor van Boutersem en Vertrijk. Verder in de tijd teruggaan was niet mogelijk. In 1694 gingen immers de doopregisters van Boutersem, samen met de pastorie, tijdens de oorlog in de vlammen op.

Hoe het met het proces afliep, heb ik niet gevonden. Wel vond ik dat pastoor Nicolaus Doulier in 1689 zeker de wettige eigenaar was. Op 8 januari maakte hij zijn testament. Het huis op de Steenweg genaempt de swane met het block annex, liet de pastoor na aan Elizabeth Neys of Nijs, als recompense van alle hare getrauwe diensten (Kerkarchief, nr. 22.453. Tienen.).




Dr. P. Kempeneers.

Verschenen in de Publipers op donderdag 2 juli 2009, en in Oost-Brabant Jg. XLVI, nr. 2, april - mei - juni 2009.

© 2008 Edelhart Kempeneers
XHTML 1.0 Transitional