Al meer dan 722.000 bezoekers!

Nieuwste artikels

Tiense Sprokkel 272: Het Hoegaardse Gasthuishof

Mijn schoonouders, de smid Leopold Vandervesse en zijn vrouw Pelagie Casseau, woonden tegenover de nieuwe Post in de Gasthuisstraat in Hoegaarden. Hij werkte nijverig in de smis, zij in haar winkels. De panden behoorden tot het verdwenen Gasthuishof. Aan dit hof ontleende de straat haar naam: de Gasthuisstraat. Taalkundig erfgoed kost niets, maar gaat dikwijls wegens gebrek aan belangstelling verloren. Bij de verkoop van deze panden in 2002 stelde ik aan notaris Van Eeckhoudt voor, om in de verkoopsakte een voorwaarde in te lassen, namelijk het behoud van de naam Gasthuishof. De voorwaarde werd daadwerkelijk opgenomen, met akkoord van alle betrokkenen.

In 2002 was van het oorspronkelijke hof niet veel meer te merken. Alleen een merkwaardige steen, met de datum 1752, was boven de deur van de smidse ingemetseld, in de Gasthuisstraat nummer 43. Intussen verrijst op deze plaats een heel complex. Toe te juichen is het feit, dat de opdrachtgevers de oude steen van 1752, op een duidelijk zichtbare plaats, in het nieuwe Gasthuishof hebben aangebracht.

Het Gasthuis in Hoegaarden bestond zeker al in 1400. Het heette gewoon Gasthuis, in 1521 wat duidelijker tgasthuijs van hugaerden en in 1618 gespecifieerd als Sint Eloye gasthuys. Bij het Gasthuis stond immers tot in de jaren 50 de kapel van Sint-Elooi. In mijn werk Hoegaardse Plaatsnamen (1985) heb ik enkele attestaties aangehaald. Zo heet de kapel in 1617 met een omschrijving de cappelle van sinte Eloij en in 1663 met een samenstelling Sinte Loys capelle. Op de dag van Sint-Elooi (1 december) was er altijd een hele begankenis in de Gasthuisstraat. In 1715 lees ik hierover in het kerkarchief van Hoegaarden, dat de pastoor een solemnele misse ging zingen in de kapel van Sint-Elooi. De pastoor kreeg voor deze dienst in de kapel het geld dat uit den offer werd gehaald.

De kapel is wel afgebroken, maar in het hoekhuis enkele meters vˇˇr het nieuwe Gasthuishof zijn nog veel stenen te zien, die van de kapel afkomstig zijn. De oudst bekende vermelding van Gasthuishof dateert van 1617. Het heet dan het gasthuijs hoff daer de cappelle sinte Eloij is op staende. Op 19 december 1791 betaalde een zekere Kempeneer (geen voorvader van mij), die getrouwd was met Elisabeth Vandermolen, 22 stuivers voor een stuck van den hof van sinte eloij. Hierop was een deel van het pachthof gebouwd.


Dr. P. Kempeneers.

Verschenen in de Publipers op donderdag 7 augustus 2008.

© 2008 Edelhart Kempeneers
XHTML 1.0 Transitional