Al meer dan 726.000 bezoekers!

Sprokkels 151-200

Nieuwste artikels

Een kruiwagen vol suiker

Enkele privépersonen hebben oude huisnamen ontdekt en sluiten alzo aan bij een eeuwenoude traditie. Bekend is op de Grote Markt het Gulden Hoofd. Zulke namen onderstrepen sterk het toeristisch karakter van een stad of streek. Verdienstelijk is ook het aanbrengen van het Land van Belofte onder de recente benaming Gambrinus. Voor het Land van Belofte stond hier het Tolhuis. Wat verderop heet het eerste huis van de Nieuwstraat de Griffoen, eveneens een naam met een verleden. Hopelijk blijft de benaming Driesch als herbergbenaming. De Dries verwijst immers naar de Grote Markt zelf.

Op de plaats van de vroegere Landbouwschool en de ABR verrijst het grote complex van de Kredietbank en de Cera. De privé-eigenaars opteerden hier ook voor een zeer oude naam en noemden de nieuwe residentie De Handboog, een verwijzing naar de mannen van de Edele Handboog die hier kwamen oefenen.

Van de stadsoverheid verwachten we ook dat ze belang hechten aan historische namen, die het toeristisch uitzicht van de stad versterken. Een mooi voorbeeld van de Huisvestingsmaatschappij is de Christoffel, een voormalige brouwerij op de hoek van Minderbroedersstraat en Vismarkt. Deze naam werd door de voorzitter Victor Boeckaerts voorgesteld en aangenomen (al zie ik de benaming nog niet op de gevel staan). Dezelfde maatschappij nam ook de Rode Poort aan, eveneens een vroegere brouwerij in de Donystraat. Schepen Jean Defau bracht de vroegere Kruisboog weer tot leven in een cultureel centrum.

Nu is het afwachten of de nieuwe schepen Partyka ook enkele oude namen uit het vergeetboek haalt voor huizen van het eigen stadspatrimonium. Ik denk aan de Wildeman, een afspanning in de oude Kabbeekstraat, waar de opgravers van het Grijpenveld stilletjes doch zeer actief bezig zijn. Als eerste beschreef Jan Karel Huart in 1770 over de keizersnede in een handboek voor vroedvrouwen en was hiermee een pionier. Deze chirurgijn woonde in de huidige stadsinfo, Grote Markt 4, voorheen de Sint-Andries genoemd. Ook de apotheek ernaast maakte deel uit van de Sint-Andries.

Het prachtig vernieuwde Suikermuseum zou zijn oude benaming weer kunnen gebruiken. De oude Corps de garde (Kottegoar) stond op de open ruimte van de Grote Markt zelf, tegenover de Kruiwagen. In 1724 kocht de stad de Kruiwagen van de weduwe Dauwen om er een nieuw corps de garde op te bouwen. Het gebouw werd aan de linkerzijde vergroot. Op dit vergrote perceel bouwde Drossaert in 1846 het Vredegerecht.


Dr. P. Kempeneers.

© 2008 Edelhart Kempeneers
XHTML 1.0 Transitional