Al meer dan 722.000 bezoekers!

Nieuwsbrieven

Publicaties

Nieuwsbrief maart 2018

Zijsprokkel 141: Een nieuwe koster-schoolmeester in Neerlinter (1785)

In 1785 werd in Neerlinter een nieuwe koster aangesteld die tevens de taak van schoolmeester op zich moest nemen. Met de goedkeuring van de pastoor, de heer van Neerlinter en 4 schepenen moest Jan Bruijninckx aan een aantal voorwaarden voldoen. Bij zijn aanstelling was Jan 27 jaar. Hij werd geboren in Neerlinter in 1758 en was dus 38 jaar bij de telling van de inwoners in 1796. Hij was getrouwd met Christine Coenen, 36 jaar oud in 1796.

 
Wij ondergeschreven Eerw. Heere Defraije, pastor in neerlinter, beneffens den Edelen Heere Baron Dewaha Heere deser voorschreven Heerlijckhijdt ende wethouderen alhier, admitteren bij ende mits desen Joannes Bruijninckx jonghman gebortig van alhier soo tot het schoolmeesterschap, spelen der orgel, ende de costerije op de naervolghende conditien.

Jerst dat hij de kercke sal suijveren datter geen vuijlighydt inde selve bevonden wordt, de authaeren wel suijveren ende naer het H. Sacrificie van de misse de selve met het dickcleedt bedecken datter geen stof op gevonden wordt ende de berichtinghe bij te woonen met behoorlyck licht.

Item dat hij sal doen behoorlijcke schole smorgens ende naer middagh ende ten minsten eens ter weke de kinderen onder weijsen inde cristelijcke leeringhe, ende sondaeghs als oock inde onderweijsinghe tot de eerste H. Communie de selve bij te woonen opdatter onder de kinderen geene ongeregelthydt voor en valle.

Item het orgel te spelen volghens het altijdt geploghen heeft ende den solaris niet te vermeerderen sal moeten gestaen voor singen en spelen der orgel met thien stuijvers en half.

Item sal hij ontfangen alle emolumenten soo van costerije, spelen der orgel als houden die schole gelyck het de schepenen sullen goedt vinden te behooren.

Item sal den voorschreven Joannes Bruijninckx gehouden sijn te doen alle het ghene den Heere Baron, Pastor ende wethouderen hem sullen ordonneren te doen sonder contradictie.

Item sal den voorschreven Joannes Bruijninckx den genechten dagh voor sint jan baptist alle jaeren in handen vanden heere pastor overgeven alle de sleutels raeckende de costerije ende alsdan versoecken ofte hij sal gecontinueert worden het ghene sal staen ter decisie vanden Eerw. Heere pastor.

Item sal den voorschreven Bruijninckx den selven genechtendagh voor sint jan baptist alle jaeren ten genechten huijse in handen der schepenen de sleutels van het schoelhuijs, toxael, orgel etcetera overgeven om onder hen geraemt ende geexamineert te worden oft sij content sijn over syn comportement ende gedragh ende in cas dat die wethouderen hem Bruijninckx wilde bedancken van sijne officien, dat hij tvoorschreven schoelhuijs sal moeten ruijmen sonder contradictie, actum desen achthienden () 1700 vijfentachentigh, het ghene hij Bruijninckx op dese vorenstaende conditien heeft geaccepteert ende onderteckent.

(Handtekeningen van)
J.J. Bruijninckx
Theo de Fraye pastor
P.E. Baron de Waha de Linter
F. Vandevin schepen
J. M. Pulinckx schepen
J. Moens schepen
C. Kemerlinckx schepen

Zijsprokkel 142: De rekening van chirurgijn W.N. Huart (1779-1780)

In februari 1779 breekt Anthonius Keuleers in het gehucht Stok zijn scheenbeen met nog andere verwondingen. Hij wordt verzorgd door chirurgijn W.N. Huart uit Neerlinter. Het is interessant om een inzicht te krijgen in de rekeningen van de dokter, bewaard in de schepengriffies 5215 (RA Leuven). Blijkbaar liep alles slecht af, want in 1781 volgde een proces tussen Keuleers en Huart.

 
Staet van Wijnandus Nicolaus Huart, chirurgijn jn neerlinther over sijne gedane curen, noodige voijagien, pansementen, verbanden, leveringen van medecamenten als anderssints, ten dinste ende versoecke van Anthonius Keuleers ende is als volg.

Op heden vijfthienden februarij 1779 savonts ontrent half seven uren tot stock wesende ontrent een half uer verre, onderhanden genomen Anthonius Keuleers, den welcken gevisiteert hebbende, hebbe bevonden dat hij hadde eene gecomponeerde fractuer met solutie ofte wonde, met swellinge ende pletteringe aen de rechte tibia ofte scheen been, door welcke wonde was steckende de eijndens van de gebrocke tibia.
Voorders bevonden eene wonde met fractuer aen de klijn pijp van het recht been, ende hebbe de fracturen ofte gebrocke beederen (sic) in hunne naturelijcke plaetse gestelt ende geset, ende hebbe den patient naer de const verbonden.
Voorders comende tot de visitatie van 't hooft hebbe bevonden dat hij hadde eene gecomponeerde dieversche solutie op het os coronal, welcke wonde de lengde hadde ontrent 28 linien ende 7 linien breedt ende hebbe den patient verbonden.
Jtem bevonden eene wonde op de musculen van den lincken onderherm.
Jtem bevonden eene contusie op het linck scapula ofte schouderblad ende hebbe den patient ten huijse van sijne moeder verbonden.
Op 16en ditto gevaceert een mael naer stock ende hebbe den patient sijn been ende hooft verbonden.
Op 16en ditto naer noen gevaceert naer de heijde wesende een groot quartier uers verre om den patient sijn been te visiteeren ofte het noch in sijn behoorelijcke plaetse was ende hebbe den patient verbonden met den band van achthien eijndens.
Op 17en ditto gevaceert een mael ende hebbe den patient verbonden. Comt voor consult met coenen - 2-16-0.
Op 18en ditto gevaceert een mael ende hebbe den patient een mael verbonden. Comt voor conferentie - 1-8-0.
Op 19en 20en 21en 22en 23en 24en 25en gevaceert een mael dags ende hebbe den patient een mael dags verbonden.
Noeert: op den 20en ditto ende 26en geroepen sijnde om de fractuer van de tibia ofte scheen been jn een te setten, het welck men heeft gedaen, en hebbe den patient verbonden.
Op 17en ende 18en ditto gevaceert een mael dags ende hebbe den patient een mael dags verbonden.
Op 1en meert 1779, 2en 3en 4en 5en 6en 7en 8en 9en 10en 11en 12en 13en 14en 15en 16en 17en 18en 19en 20en 21en 22en 23en 24en 25en 26en 27en 28en 29en 30en ende 31en ditto derselver maent gevaceert een mael dags ende hebbe den patient een mael dags verbonden.
Op 1en april 1779, 2en 3en 4en 5en 8en 11en 15en 19en 26en ende 29en ditto gevaceert een mael dags ende hebbe den patient een mael dags verbonden.
Op 1en maij 1779 ende 3en ditto gevaceert een mael dags ende hebbe den patient een mael dags verbonden.
Op 9en ditto 16en 24en ende 30en ditto heeft den patient ten mijnen huijse geweest ende hebbe hem verbonden.
Nota datter een exfoliatie ofte been uijt de tibia gecomen.
Jtem gelevert 2 fomentatien ad gangrenam.
Jtem gelevert de noodige salven etcetera tot de genesinge der wonde, welcke wonde over de 48en linien lanck en 24 linien breedt.
Nota drij mael de flactuer moeten jn een setten.
Jtem de hooftwonde gevisiteert ende verbonden.
Jtem den herm gevisiteert ende verbonde.
Jtem de schouder gevisiteert.
Jtem 2 consulten gehouden.
Jtem 2 conferentie gehoude.
Jtem hebbe moeten vaceren 59 mael ende hebbe den patient 59 mael met den band van 18 eijndens verbonden. Comt voor dese curen, leveringen van medecamenten, nodige voyagien, pansementen, bandagien, consulten, conferentien, ende drijmael de fractuer ineen geset, sesenvijftig guldens bij groote moderatie jn gevallen dico - 56-0-0.

Ontfangen op rekening als volg.
Op 14en meert 1780 ontfangen op Rekening twelf schellingen, dico 4-4-0.
Op 27en 7bris 1780 ontfangen op rekening twee pattacons, dico 5-12.
Jta est W.N. Huart, chirurgijn.

© 2008 Edelhart Kempeneers
XHTML 1.0 Transitional