Al meer dan 722.000 bezoekers!

Nieuwsbrieven

Publicaties

Nieuwsbrief januari 2015

Presentatie: Bunsbeek. Plaatsnamen en hun geschiedenis.

Bunsbeek Op 11 december werd het nieuwste werk van dr. fil. Paul Kempeneers voorgesteld op het gemeentehuis van Glabbeek. De presentatie is op de website terug te vinden.



Voor zijn toponymie van Bunsbeek raadpleegde dr. Paul Kempeneers alle beschikbare archivalische bronnen. De auteur beschreef dan het hele namenbestand in een aantal rubrieken. Zo ontstond tegelijk een wetenschappelijk en leesbaar boek.

Eerst bespreekt hij de ligging van Bunsbeek in de gemeente Glabbeek. Vervolgens verklaart hij de naam Bunsbeek en gehuchten als Boeslinter, Pamel, Pippensvoort, Schaffelberg, Stok, Walmersum en IJzeren.
De geografie komt aan bod bij de beschrijving van de beken van het Velpebekken, alsook de wouwers en poelen, en hoogten als Honsberg, Klottenberg, Zwijnberg, en laagten als IJzersedelle.
Talrijk zijn in Bunsbeek de namen voor bossen, beemden, eusels, broeken, driesen, kouters, en specifieke woorden als Hagerot, Gulden Draad, Haverstoppel, Schauvaart, Baakveld, Rauwigheid, Spinnegoed, Vlaas, Pluymenhof.
Naast de geschiedenis van de kerk, de kapellen en de pastorie vertelt Kempeneers over het voormalige Hof van Bunsbeek in de Schoolstraat, het Monnikenhof van Heilissem achter de kerk, en uiteraard de Rotelmolen.
Tot slot bespreekt de auteur het wegennet.

Een uitgebreide bibliografie en een klapper maken van het boek een waardevol naslagwerk dat nog generaties zal meegaan!

Lees meer...

Tiense Sprokkel 352: Kapel ten Poel (2)

Sommigen menen dat de Kapel ten Poel te maken heeft met een oude kapel die er stond, vσσr de kerk werd gebouwd. Of dat de kapel overeenkomt met de Grot. De poel werd door de overheid gedempt in 1724, ondanks het verzet van de gilden. Waar moest men immers het water halen, als er brand uitbrak in de omgeving?

Daarom stelde de stad voor om een grote monumentale pomp te laten bouwen. Dit gebeurde rond 1729. Bovenop de pomp stond een O.L.Vrouwbeeld van Joannes de Lavasserie. De afkorting SPQT op de pomp betekent Senatus populusque thenenses, dit is het stadsbestuur en het volk van Tienen. De pomp werd in 1940 zwaar beschadigd door een vrachtwagen van het Belgisch leger, maar hersteld. Een foorkramer reed er nog eens tegenaan in de jaren 1970. De brokstukken lagen een tijd bij de brandweer. Herstel was niet meer mogelijk. Wel bewaard is het beschadigde beeld van O.L.Vrouw.

Pomp

De bron die de Haspoel voedde, is nog te zien onderaan in de Grot naast de kerk. Officieel de Lourdesgrot, in de volksmond gewoon het Grotteke.

Op 11 februari 1858 verscheen de Onbevlekte Maagd voor de eerste keer aan Bernadette Soubirous. Een golf van Mariaverering sloeg over de katholieke landen. Ook Tienen bouwde zijn grot. Dit gebeurde in mei 1873 in het voormalige huis van Louis Jamodt, boven de bron die al in 1465 genoemd werd "onser vrouwen boernne". Born of borne is het oude woord voor bron. Onder invloed van het Duitse woord Brunnen verschoof de r. Zo werd born gewijzigd in bron.

Van de Kempeneersborn bleef niets over. Deze bevond zich op het terrein van het Piso. Wie hier graaft, voelt wel dat er nog drijfzand zit.

Dr. P. Kempeneers.

Verschenen in de Publipers op woensdag 3 december 2014.

Zijsprokkel 105: Betwiste grond in Kapellen

Technische fiche

In het kerkarchief van Meensel bevindt zich een grote kaart, op 29 juni 1774 opgemeten door de bekende Tiense landmeter J.C.F. Naveau. Het document uit het kerkarchief van Meensel heeft het nummer 18/2. Op het plan ligt het noorden onderaan. Het betwiste stuk heeft het kadasternummer A 274, op de kaart aangeduid met de letter E en de tekst "Dit is het parceel in questie". De omliggende percelen en wegen zijn eveneens met letters aangeduid. Aan de hand van mijn documentatie kon ik alle percelen lokaliseren. Zie P. Kempeneers, Kapellen bij Glabbeek. Plaatsnamen en hun geschiedenis, verschenen in de Handelingen van de Koninklijke Commissie voor Toponymie en Dialectologie, 2009, p. 61-142.

Tekst

• Letter A: perceel A 227, drijhouk oft drijhorinck. Zulk driehoekig perceel heette ook Driebek.

• Letter B: den wegh van thienen op scherpenheuvel oft sighem. Dit is de huidige Stationsstraat.

• Letter C: de ganse straete. Dit is de huidige Groenstraat.

• Letter D. Zonder naam. Het is de verbinding tussen de Ganzestraat en de Weg van Tienen naar Scherpenheuvel.

• Letter E: perceel A 274. Dit is het parceel in questie.

• Letter F: percelen A 275-276. Eigenaar: Jan Nys den auden als tochtenaer uxoris nomine [= in naam van de echtgenote].

• Letter G: percelen A 280-281. Eigenaars: d'erfgenaemen d'Amenzaga ofte Schotte.

• Letter H: perceel A 273. Parceel der abdije van Heijlissem.

• Letter IJ. Dit is het vervolg van weg met de letter B.

• Letter K: percelen A 211 en A 292, bosch der abdye van tongerloo. Dit bos heette het Ganzebos (Kempeneers, p. 81).

• Letter L: percelen A 270-271-272, huijs ende hof van Henrick van Hellemont.

Verschenen op de website op 15 december 2014.

Tiense Sprokkel 353: Minnen en Katlijn

Sommige Tiense straatnamen zijn verkeerd vertaald uit het Frans. Een mooi voorbeeld is de Liefdestraat. In 1801 vond ik een eerste keer Rue d'Amour en in de Atlas van de Buurtwegen van 1847 is de Rue d'Amour zelfs verkeerd geschreven als Rue d'Arnauld.

Oorspronkelijk gaat het om een zeer lange weg die begon aan de Veldbornstraat en verder liep langs het Sabooike aan de Sliksteenvest richting Hamelendreef. Deze weg heette Minnenstraat, zo genoemd naar de Minnenborn.

Deze "born" was een ingemetselde bron tussen de Eeuwfeeststraat en de Liefdestraat, halverwege de straat aan de rechterkant.

"Minnen" herinnert ons aan een vroege bezitter van gronden in deze straat.

Sommige ambtenaren herkenden in Minnen echter minne "liefde" en vertaalden de naam in het Frans als Rue d'Amour, in 1927 in het Nederlands hervertaald als Liefdestraat.



In mijn sprokkels 106 en 305 zocht ik naar een verklaring van de naam Sint-Katharinastraat. In de wijde omtrek is immers geen kapel, gewijd aan Sint-Katharina, te bespeuren.

Oorspronkelijk heette deze straat de Bakeleinstraat. Bakelein was de naam van de verdwenen Vloedgracht nummer 18.

Oude vormen zijn: 14de eeuw in vico bakeleyne, 1616 het bakelyn straetken, 1653 het baclijn straetken, in 1797 verkeerd vertaald als La Rue de Madelaine.

De fout die voor de verandering zorgde, vinden we in de volkstelling van 1796: Rue de Catlaine. De kaartenmaker Bastendorff vatte Catlaine op als Katlijn en vertaalde de straatnaam in 1825 als rue Sainte Catherine.

In de kadastrale legger van 1834 luidt het in het Nederlands Sinte Catherina straet. Hiernaast bleef de volkse Strontstraat officieel in gebruik.

Dr. P. Kempeneers.

Verschenen in de Publipers op woensdag 17 december 2014.

Bijdragen in...

In Oost-Brabant, 2014-04, verschenen volgende bijdragen:
- De bevolking van Meldert bij Hoegaarden in 1747. p. 47-53.
- Familienaam. p. 53.
- Van Beneden. p. 54.
- Persbericht. Een boek over Meensel en Kiezegem. p. 55.
- Een boek over Bunsbeek. p. 56.




© 2008 Edelhart Kempeneers
XHTML 1.0 Transitional