Al meer dan 726.000 bezoekers!

Nieuwsbrieven

Publicaties

Nieuwsbrief augustus 2014

Tiense Sprokkel 343: Waterlopen

Door de wet van 1877 moesten alle gemeenten een atlas opstellen met gegevens over de waterlopen op hun grondgebied. Sommige watertjes hadden geen naam. Nogal wat opstellers noemden ze gewoon Waterloop, of in het Frans Coulant of Cours d'eau. In 1952 werd de wet aangepast en kwamen er nieuwe atlassen. Door de vernederlandsing werd Coulant d'eau vertaald als Waterloop. In feite waren er in 1877 al veel soortnamen verloren gegaan. Denk aan namen als Vloedgracht of Vloedgroebbe, niet opgenomen in Van Dale.

Rivier

De provincie Brabant gaf de waterlopen een nummer. De Gete in Budingen kreeg het nummer 4.001. Het getal 4 vooraan wijst op het bekken van de Gete. Dit betekent dat alle waterlopen die uiteindelijk in de Gete uitmonden, beginnen met 4. De Mene, in Meldert ook Molenbeek genoemd, heeft het nummer 4.043. Hoe hoger het getal, hoe minder belangrijk de beek. Op de grens van Meldert en Willebringen vloeit de Jordaan, met nummer 4.050. Een bijriviertje hiervan is de Rottebeek, zo genoemd naar het veld het Rot in Meldert. Dit beekje heeft het nummer 4.054. De Velp in Boutersem vloeit niet naar de Gete af, wel naar de Demer. Het nummer is 3.015. Het getal 3 wijst op het bekken van de Demer. De Vondelbeek is een kleinere waterloop dan de Velp en heeft dus een hoger getal: 3.114. In Langdorp heeft de Herseltsebeek nummer 7.018. Waterlopen met vooraan 7 wateren af naar de Nete. De Vlaamse Gemeenschap heeft nu alle waterlopen van de 5 provincies verzameld in de VHA. Dit is de Vlaamse Hydrografische Atlas, met nieuwe nummers voor de meer dan 15.000 waterlopen in het Vlaamse Gewest.

Herpublicatie: Binkomse Plaatsnamen

Binkomse plaatsnamen Het boek was uitverkocht, maar is nu opnieuw beschikbaar.

Voor zijn uitgebreide toponymie van Binkom raadpleegde dr. Paul Kempeneers een jaar lang archivalische bronnen. Ze leverden hem een schat aan nieuwe informatie op. Zoals gewoonlijk verving hij lange alfabetische lijsten door een beschrijving van het namenbestand in een aantal rubrieken. Zo komen aan bod: de ligging van de gemeente, nederzettings- en gehuchtnamen, namen van waterlopen, bergen, bossen, gras- en bouwlanden, wegen en voetpaden. Gebouwen verdeelde de filoloog in kerkelijke en burgerlijke bouwwerken.

Bestel hier...

Zijsprokkel 100: Vraag voor een nieuwe pastoor in Bunsbeek

Technische fiche

Onderstaande Franse brief uit 1777 is een vertaling uit het Nederlands, verzonden aan de abt van de abdij van Heilissem. De inwoners van Bunsbeek waren zeer ontevreden over hun pastoor [Petrus Dumont], die in 20 jaar niet op de preekstoel was geweest. Het was ook dringend nodig om de kinderen te onderrichten. De tekst bevindt zich in het kerkarchief 2691 (rijksarchief Leuven).

Tekst

translat[ion] du flamand

Reverend seigneur

Nous ne doutons aucunement qu'il n'est tres bien connu a votre Reverence que depuis environ vingt ans d'ici Monsieur notre curé [= Petrus Dumont] n'at point monté dans la chaire a precher, qu'il y a aussi plusieurs enfants qui ont deja plus de quatorze ans qui n'ont point encore fait leur premiere communion, d'autant qu'ils ne sont pas instruit ni par le cathechisme ni par autres instructions, meme crainte de donner quelques jnstructions aux enfants, il leur a laissé faire leur premiere communion parmi les grandes gens sans avoir eté jnstruit, pourquoy et plusiuers autres negligences qui ont diverses fois obligé notre communauté d'aller chercher pour notre besoin le curé de haute linter [= Oplinter], de hoelede et de glabbeeck, et comme pour une chose si facheuse, et que nous scavons bien que le Reverend Seigneur est trop prudent et ne voudroit tollerer telles neglicences, ainsi la communauté de Bunsbeeck prie tres humblement d'y vouloir laisser pourvoir, soit en mettant un souspasteur, ou bien un plus diligent en sa place, ce que nous esperons devoir au premier jour comme ne pouvant plus etre souffert sans risquer la perte des ames, ainsi nous demeurons avec respect, et avec souhait d'une sainte heureuse nouvelle année avec beaucoup de suivantes toutes remplies de benedictions.

Bunsbeeck, ce 14 Janvier 1777.

Vos tres humbles serviteurs,
Les habitans de Bunsbeeck.
(etoit ecrit pr. signature)

La superscription etoit
Au Reverend
Reverend Seigneur Abbé de
L'Abbaye de et etcetera
a Heylissem.

Overgezet door dr. Paul Kempeneers. Tienen, 12 september 2013. Verschenen op de website op 6 juli 2014.

Tiense Sprokkel 344: Gete

Hoe oud is een waternaam? Een goed verstaanbare naam zoals Glabbeek (uit Gladbeek), Vaalbeek Holsbeek, Kor(t)beek, is zeker jonger dan de Velpe, de Gete, de Dijle, de Herk of de Demer. Sommige oude waternamen zijn eeuwen voor Christus ontstaan. Oude riviernamen zijn geen samenstellingen, maar afleidingen. We kunnen ze vertalen als "de bochtige, de zwarte, de donkere, de gele, de bruisende". Om een naam te verklaren, gaan we uit van de oudste betrouwbare vormen.

De Grote Gete te Tienen

Voor de Gete zijn dat: 956 (kopie 13de eeuw) super fluvium Gatia, 1091 Iace, 11de eeuw Jetta, 1108 Gace, 1312 die Ghete, 1320 le Jauche, Geten, enz. We vinden dus vormen met aanvangsletter G (Gatia, Gete) en met J (Iace, Jauche, Jetta). De oude vorm kreeg namelijk een andere uitspraak in Waalse en Vlaamse mond. Zo heet het dorp Jauche in het Nederlands Geten. Jauchelette is een verkleiningsvorm van Jauche. Dat blijkt duidelijk uit de Latijnse vertaling uit 1220: de Jacea minori. Volgens Gysseling is de oorspronkelijke vorm Jatia. Deze leidt hij terug tot de stam *ajat- (verkort tot jat-), uit de wortel -ej, -aj, met de betekenis "schitterend, inzonderheid roodbruin". Vertegenwoordigers van deze vorm zijn Jette bij Brussel en Jabbeke bij Brugge. De naam Gete kan betekenen "de bruine", wegens de opvallende kleur. Een andere mogelijkheid is om Gatia te beschouwen als de verlatijnsing van Germaans *Gatjô. Dit is een afleiding met j-suffix van het Germaans *gata "hol, gat, opening", te verbinden met *gatwôn "straat, hoofdweg". De j in de uitgang zorgde voor de umlaut. Gatjô werd aldus Gete. Deze naam komt overeen met de Getel in Duitsland, door Greule verklaard als een afleiding van *gata.

Bijdragen in Eigen Schoon & De Brabander en in De Vlaamse Stam

In Eigen Schoon & De Brabander, 97ste jg. (2014), verscheen volgend artikel:
Attenhovense families in 1704, p.288-294.

In De Vlaamse Stam, juli-aug. 2014, verscheen volgend artikel:
Boogschieten en Brouwen in Kiezegem, p. 312-317.

© 2008 Edelhart Kempeneers
XHTML 1.0 Transitional